Dit boek bevat een beschrijving van de gebruikersinterface van de Novell® Identity Manager-gebruikerstoepassing en de manier waarop u de geboden functies kunt gebruiken, waaronder de volgende:
Identiteit-zelfbediening (voor gebruikersinformatie, wachtwoorden en directories)
Aanvragen en goedkeuringen (voor toegangsbeheer op basis van werkstroom)
Rollen (voor toegangsbeheer op basis van rollen)
Naleving (voor naleving van regelgeving en attesten)
De informatie in dit boek is bestemd voor eindgebruikers van de Identity Manager-gebruikersinterface.
In deze handleiding wordt verondersteld dat u werkt met de standaardconfiguratie van de Identity Manager-gebruikersinterface. Het is echter mogelijk dat het uiterlijk of de werking van uw versie van de gebruikersinterface is aangepast.
Neem voordat u begint contact op met de systeembeheerder voor meer informatie over mogelijke aanpassingen waar u mee te maken kunt krijgen.
Onderstaand volgt een overzicht van hetgeen u in dit boek aantreft:
|
Deel |
Beschrijving |
|---|---|
|
Inleiding tot de Identity Manager-gebruikersinterface en hoe u daarmee aan de slag kunt. |
|
|
Het gebruik van het tabblad van de Identity Manager-gebruikersinterface om identiteitinformatie weer te geven en daarmee te werken. Onder andere:
|
|
|
Sectie III, Werken met het tabblad Aanvragen en goedkeuringen |
Het gebruik van het tabblad van de Identity Manager-gebruikersinterface bij het:
|
|
Het gebruik van het tabblad Rollen van de Identity Manager-gebruikersinterface voor de volgende acties:
|
|
|
Het gebruik van het tabblad Compliantie van de Identity Manager-gebruikersinterface voor de volgende acties:
|
We vernemen graag uw suggesties en opmerkingen over deze handleiding en de andere documentatie bij dit product. Gebruik de functie voor gebruikerscommentaar onder aan de pagina's van de online documentatie, of ga naar www.novell.com/documentation/feedback.html en voer daar uw opmerkingen in.
Ga naar de website van Identity Manager voor de nieuwste versie van de IDM Gebruikerstoepassing: Gebruikershandleiding
In documentatie van Novell wordt het groter-dan-teken (>) gebruikt om handelingen binnen een stap en onderdelen van een verwijzing te scheiden.
Een handelsmerk (®, ™, enzovoort) duidt een handelsmerk van Novell aan. Een asterisk (*) geeft een handelsmerk van derden aan.
Wanneer de naam van een pad met een backslash kan worden geschreven voor sommige platforms of een slash voor andere platforms, wordt de naam van het pad met een backslash weergegeven. Gebruikers van platforms waarvoor een slash moet worden gebruikt, zoals Linux* of UNIX*, moeten slashes gebruiken zoals vereist door de software.